Een dansende God?
 

‘In den hemel is enen dans, alleluia.’ Zo begint een oud Vlaams volksliedje. Maar wie danst er dan in de hemel? Daar geeft het liedje ook antwoord op: ‘Daar dansen al die maagdekens, benedicamus Domino, alleluia.’ Het liedje werd namelijk gezongen als troost na de begrafenis van een jong meisje: de andere jonge meisjes, de ‘maagdekens’ (die bestonden toen nog), wachten haar in de hemel op.

 

Zelf ben ik nooit goed geweest in dansen. Ik geef het maar eerlijk toe. Ik ben in mijn middelbare schooltijd nooit op dansles geweest, al vonden mijn ouders eigenlijk wel dat leren dansen bij de opvoeding hoorde. Ik was toen in mijn hoofd al zo met de eeuwigheid bezig dat ik geen oog had voor zoiets lichamelijks als dansen. Bij feesten en partijen leidde dat soms tot pijnlijke situaties. Als de dames een partner mochten uitzoeken, moest ik toevallig altijd snel even naar het toilet. Toen ik mijn latere vrouw leerde kennen, bleek opnieuw mijn gebrek: zij was een volleerd stijldanser. Op dat gebied had zij aan mij dus niet veel. Zij heeft mij toch geaccepteerd, ondanks mijn handicap. Een bewijs temeer van haar nobele karakter.

 

Inmiddels heb ik, ouder geworden, als toeschouwer een enorme fascinatie gekregen voor de taal van de dans. Niets zo boeiend om naar te kijken als een vurige Argentijnse tango. Een prachtig spel van aantrekken en afstoten, van passie en intensiteit, van samensmelten en weer loslaten. De tango lijkt soms wel op wat mystici ons in hun teksten vertellen over hun worsteling met God.

 

Zou God zelf ook wel eens dansen? Het lijkt in het christendom een vreemde gedachte. In andere religieuze tradities komt het beeld van een dansende God vaker voor. Iedereen kent wel het beeld van de dansende Shiva uit India. Door te dansen vernietigt Shiva de chaos, gevolg van de onwetendheid, en brengt hij samenhang in het universum.

 

De Amerikaanse dominee Baxter Kruger propageert via boeken, lezingen en een website ook het beeld van een dansende God. Dat beeld baseert hij op de vader uit de parabel van Lucas 15,11-32, die zo blij is over de terugkeer van zijn verloren zoon dat er feest wordt gevierd, met muziek en dans. De dansende God is bij Baxter Kruger de God die blij is over de bekering van elke zondaar.

 

De Franse dichteres en mystica Marie Noël (1883-1967) noteerde in de jaren dertig van de vorige eeuw in haar geestelijke aantekeningen een poëtische tekst over ‘de eerste dans’. Dat was de dans van God waardoor, volgens haar, de schepping tot stand is gekomen. God is volgens Marie Noël pure vreugde, pure liefde, pure levenskracht, pure vitaliteit. En vanuit die vreugde en die liefde danst God. En zijn dans werkt aanstekelijk en verleidelijk: hij zet de chaos in beweging, waardoor de materie zichzelf, al dansend, ordent tot schepping, meebewegend met het onweerstaanbare ritme van God.

God als verleidelijke danser, een tango met God. Misschien moet ik toch nog maar op dansles gaan. Je bent tenslotte nooit te oud om te leren.